Press "Enter" to skip to content

Lief Dagboek #14 | Hoe gaat het met je? Kut natuurlijk

In de serie Lief dagboek neem ik jullie mee in de eerste periode na het verlies van onze dochter Nova. Over keihard vallen, intens verdriet, maar ook bergen vol liefde en licht.

Lief Dagboek,

In de loop van de week komen de gesprekken op gang op het schoolplein. Superfijn, want dat betekent in elk geval dat niemand ons vermijdt. Dat lijkt me namelijk nog veel erger. Gaat het niet? Dan geven we dat gewoon aan. Maar eigenlijk is het wel heel prettig dat we met iedereen kunnen en mogen praten over het verlies van Nova.

Het enige dat ongemakkelijk is, blijkt de manier van aanspreken. Niet zozeer voor mij trouwens (omdat ik dus allang blij ben dat diegene je durft aan te spreken), maar wel voor de vragensteller. Bijna iedereen vraagt: ‘Hoe gaat het?’ waarna ze verschrikt hun mond houden of voor je invullen hoe het zal gaan. Maar dat dat niet altijd klopt, is soms lastig uit te leggen.

Voel je alsjeblieft niet bezwaard als jij in de afgelopen periode ook aan ons hebt gevraagd hoe het gaat en/of jezelf herkent in het verhaal. Of als je iets voor ons hebt ingevuld. Ik wil met dit deel van mijn dagboek vooral laten zien wat er gebeurt in deze periode en hoe wij dat beleefden. Boven alles waardeer ik het namelijk enorm als je informeerde hoe het ging en ben ik daar alleen maar heel blij mee!

Verwerking door te schrijven

Ro en ik praten makkelijk over Nova en het verlies. Met elkaar, maar ook met anderen. We merken al snel dat het ritme van school niet alleen helpt bij de kinderen. Wij varen er eigenlijk net zo goed bij, als ik eerlijk ben. Daarbij helpt het enorm dat ik besloten heb alles op het digitale papier te gaan zetten. Aan de hand van het dagboekje dat ik zelf bijhield van de afgelopen periode, schrijf ik op hoe dit alles voor ons was en is.

Dat is moeilijk. Je beleeft het hele verhaal opnieuw (en opnieuw, wanneer je de tekst naleest), maar tegelijkertijd werkt het helend. Puzzelstukjes vallen op hun plek, zoals het besef dat mijn vader een ontzettend heftige operatie onderging en Nova’s hartje er niet veel later mee stopte. Voor het eerst dringt dat echt tot me door. Maar door alles op te schrijven, kan ik het toch allemaal beter plaatsen en begin ik me langzaam weer wat beter te voelen. Ik huil niet meer dagelijks, kan weer genieten. En ook al blijft er altijd een grijze waas van verdriet over je dagen hangen, het overheerst niet meer.

Zo komt het dat ik halverwege de eerste week bij school sta. De zonnestralen verwarmen mijn gezicht en ik hoor verderop uitgelaten kinderstemmetjes roepen, vanaf de school tegenover die van ons. May ziet me door het raam al op het plein staan en begint vrolijk te zwaaien. Ik glimlach. Oprecht. Breder dan hiervoor en ik voel me goed. Niet in eerste plaats een rouwende moeder, maar gewoon mezelf. Opgelucht, dat dit gevoel ook gewoon nog bestaat. En dat neemt allemaal niet weg dat het verlies van Nova heel verdrietig is, maar biedt wel een lichtpuntje in wat afgelopen tijd een hele donkere tunnel was.

Hoe gaat het? O, wat stom van me!

Een moeder spreekt me aan. ‘Hoe gaat het?’ Bijna meteen slaat ze haar hand voor haar mond. ‘O, wat stom van me. Hoe kan ik zoiets nu vragen?’ Ik reageer dat het niet erg is en vertel het haar zoals het is. ‘Het gaat eigenlijk wel goed.’ En ik meen ieder woord. Dat het verlies van je kindje tijdens de zwangerschap heel triest is, oneerlijk en misschien nog wel 100.000 dingen? Tja, dat mag als een paal boven water staan. Maar ik wil daarnaast ook kunnen genieten van de fijne dagen, en mezelf niet forceren in een heel verdrietig gevoel ‘omdat het hoort’ of omdat de buitenwereld dat van je verwacht.

De situatie staat niet op zichzelf trouwens. Er komen bijna elke dag mensen naar me toe die eerst vragen hoe het gaat en vervolgens schrikken van zichzelf. De één kijkt me verontschuldigend aan, de ander vult het vast in: ‘Hoe het gaat? Stom van me. Kut natuurlijk!’ Ik begrijp het wel. Eerlijk gezegd denk ik dat er, vanaf de andere kant, geen enkele vraag passend lijkt om nu te stellen. Maar het gaat om de intentie, en ik waardeer het juist dat we zo regelmatig ons verhaal mogen doen. Dat niemand je het gevoel geeft dat het nu wel een keertje klaar is.

Schouders eronder en doorgaan voor de kinderen

Als we het erover hebben, komen Ro en ik allebei tot de conclusie hoe prettig het voelt om weer bezig te zijn. Het biedt afleiding, net als de zorg voor de meisjes. Je kan immers niet bij het opstaan zeggen: ‘Jongens, regel het vandaag allemaal zelf maar even, mama heeft er even geen zin in.’ Zij hebben ook hun aandacht nodig, moeten naar school en hebben andere verplichtingen. Dat maakt dat je toch elke ochtend op tijd opstaat, je doucht, aankleedt en een brede glimlach op je gezicht plakt. Fake it till you make it, in optima forma.

Bovendien kan ik niet uitleggen hoe prettig het is je leven weer een beetje in eigen hand te hebben. Ongetwijfeld is dat soms best weleens lastig voor onze omgeving denk ik. We merken hoeveel mensen willen helpen – met de zorg voor de kinderen, koken, huishouden of wat dan ook. Maar eerlijk gezegd is het toch prettig om weer bezig te zijn. Het past bij ons: we willen het ‘zelluf doen’, als twee volwassen peuters 😉

Het geeft ons een kleine beetje regie terug over ons leven, nadat de regie ons ruim twee weken geleden ontnomen is.

Volg je de socials van De Mamagids al?
Hier vind je ons op Facebook, Instagram en Pinterest

Lees hier de andere delen van het dagboek

Afbeelding, Pra Chid – Shutterstock

Ook leuk om te lezen

Be First to Comment

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

© De Mamagids